Terug naar bibliotheek
Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH)Artikel 8. Activiteiten en voorwaarden

Artikel 8. Activiteiten en voorwaarden

Laatste versie

1. De Minister kan aan een verhuurder ten behoeve van een huurwoning of monumentale huurwoning waarvan hij ten tijde van de subsidieaanvraag eigenaar is, subsidie verstrekken voor:

a. één of meer maatregelen of duurzame warmteopties, waaronder in ieder geval één energiebesparende maatregel of duurzame warmteoptie; b. een maatwerkadvies of duurzaam monumentenadvies.

2. Subsidie op grond van het eerste lid, onderdeel b, wordt uitsluitend verstrekt in combinatie met subsidie op grond van het eerste lid, onderdeel a, en wanneer het advies is opgesteld voorafgaand aan het uitvoeren van de in het advies geadviseerde maatregelen.

3. Subsidie op grond van het eerste lid, onderdeel a, wordt slechts verstrekt voor maatregelen die uitgevoerd zijn na de datum van inwerkingtreding van deze regeling.

4. Per adres wordt voor dezelfde maatregel slechts eenmaal subsidie op grond van dit artikel verstrekt.

5. Het vierde lid is niet van toepassing op een tweede aanvraag voor de aanschaf en het door een branchegerelateerd bedrijf in een huurwoning of monumentale huurwoning laten vervangen van glas, achterzetbeglazing of deuren in de bestaande thermische schil, bedoeld in artikel 5, onderdeel e of f, die door de verhuurder is ingediend binnen 24 maanden nadat de subsidiebeschikking voor de eerste aanvraag voor die energiebesparende maatregel in die huurwoning of monumentale huurwoning is verleend.

6. Er wordt op grond van het eerste lid geen subsidie verstrekt ten behoeve van een huurwoning of monumentale huurwoning die in eigendom is van een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 19 van de Woningwet.