Terug naar bibliotheek
Wet beschikbaarheid goederenArtikel 4

Artikel 4

Laatste versie

1. Ieder, die op de voet van artikel 2, eerste lid, of artikel 2a, eerste lid, is aangewezen om namens Onze Minister een bevel of bevelen te geven, moet voorzien zijn van een algemene of bijzondere schriftelijke machtiging, waaruit blijkt gedurende welke termijn de lasthebber daartoe bevoegd is.

2. De eis, in het vorige lid gesteld, geldt niet in spoedeisende gevallen, mits het besluit, waarbij personen zijn aangewezen, die bevoegd zijn namens een Onzer Ministers te gelasten, in de Nederlandse Staatscourant of door middel van de radio-omroep bekend gemaakt is.