Terug naar bibliotheek
Eerste Boek. Algemene bepalingen
Titel II. Straffen
Artikel 24a

Artikel 24a (Betaling geldboete in gedeelten)

Laatste versie

1. Indien een of meer geldboeten worden opgelegd tot een bedrag van ten minste € 225, kan in de uitspraak dan wel de strafbeschikking worden bepaald dat degene aan wie de geldboete is opgelegd het bedrag in gedeelten mag voldoen. Elk van die gedeelten wordt daarbij op ten minste € 45 bepaald.

2. In geval van toepassing van het eerste lid worden in de uitspraak of strafbeschikking tevens termijnen vastgesteld voor de betaling van het tweede en - zo de geldboete in meer gedeelten mag worden voldaan - de volgende gedeelten.

3. Deze termijnen worden op ten minste één en ten hoogste drie maanden gesteld. Zij mogen in het geval van een uitspraak tezamen een tijdvak van twee jaar niet overschrijden; in het geval van een strafbeschikking mogen zij een tijdvak van een jaar niet overschrijden.

Uitleg in duidelijke taal

1. Indien een of meer geldboeten worden opgelegd tot een bedrag van ten minste € 225, kan in de uitspraak dan wel de strafbeschikking worden bepaald dat degene aan wie de geldboete is opgelegd het bedrag in gedeelten mag voldoen. Elk van die gedeelten wordt daarbij op ten minste € 45 bepaald.

Dit betekent dat als één of meerdere geldboeten worden opgelegd voor een totaalbedrag van minimaal € 225, in de rechterlijke uitspraak of in de strafbeschikking kan worden vastgelegd (bepaald) dat de persoon aan wie de geldboete is opgelegd, het verschuldigde bedrag in delen (gedeelten) mag betalen (voldoen). Elk van deze delen moet hierbij minimaal € 45 zijn.

2. In geval van toepassing van het eerste lid worden in de uitspraak of strafbeschikking tevens termijnen vastgesteld voor de betaling van het tweede en - zo de geldboete in meer gedeelten mag worden voldaan - de volgende gedeelten.

Dit houdt in dat wanneer het eerste lid van toepassing is, in de uitspraak of strafbeschikking ook de betalingstermijnen moeten worden vastgesteld voor het tweede deel en – indien de geldboete in meer dan twee delen (gedeelten) betaald mag worden – voor de daaropvolgende delen.

3. Deze termijnen worden op ten minste één en ten hoogste drie maanden gesteld. Zij mogen in het geval van een uitspraak tezamen een tijdvak van twee jaar niet overschrijden; in het geval van een strafbeschikking mogen zij een tijdvak van een jaar niet overschrijden.

Dit betekent dat deze betalingstermijnen elk een duur moeten hebben van minimaal één maand en maximaal drie maanden. Wanneer de betaling in gedeelten is bepaald in een rechterlijke uitspraak, mag de totale periode waarbinnen alle termijnen vallen (tezamen) niet langer zijn dan twee jaar. Als de betaling in gedeelten is bepaald in een strafbeschikking, mag deze totale periode niet langer zijn dan één jaar.