Terug naar bibliotheek
Rechtbank Zeeland-West-Brabant

ECLI:NL:RBZWB:2026:1019 - Rechtbank Zeeland-West-Brabant - 18 februari 2026

Uitspraak

ECLI:NL:RBZWB:2026:101918 februari 2026

Uitspraak inhoud

RECHTBANK
  **ZEELAND-WEST-BRABANT**
Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Tilburg
Zaaknummer: 11972756 RR 25-30
Vonnis van 18 februari 2026 in de experimentele procedure bij de kantonrechter als regelrechter
in de zaak van
[eiser],
te [plaats 1] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiser] ,
procederend in persoon,
tegen
[gedaagde] B.V.,
te [plaats 2] ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon van: [naam] .
De zaak in het kort
    [eiser] heeft een nieuwbouwwoning gekocht van [gedaagde] inclusief installatie van een warmtepomp, maar na 5 jaar is de printplaat van de warmtepomp kapot gegaan. Volgens [eiser] is sprake van non-conformiteit, omdat bij een warmtepomp een gemiddelde levensduur van 15 tot 20 jaar mag worden verwacht. Bij een technisch product zoals een warmtepomp kan na verloop van tijd een reparatie of vervanging van een onderdeel nodig zijn. Niet gebleken is dat het gebrek aan de printplaat al vanaf het moment van aflevering aanwezig was. Er is dus geen sprake van non-conformiteit. De vordering van [eiser] tot betaling van de herstelkosten van de warmtepomp wordt daarom afgewezen.

1 De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:
1.2. Aan het slot van de mondelinge behandeling is bepaald dat vandaag vonnis wordt gewezen.

2 De feiten

2.1. Op [datum] 2018 hebben partijen een Woningborg Aannemingsovereenkomst gesloten.
2.2. In juli 2020 heeft [eiser] een nieuwbouwwoning inclusief installatie van een warmtepomp gekocht en geleverd gekregen van [gedaagde] .

3 Het geschil

3.1. [eiser] vordert - samengevat – betaling van € 708,25, vermeerderd met proceskosten. [eiser] legt aan zijn vordering ten grondslag dat [gedaagde] is tekortgeschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit de koopovereenkomst van de warmtepomp. Er is sprake van non-conformiteit, omdat na 5 jaar de printplaat van de warmtepomp kapot is gegaan. De warmtepomp bezit daarmee niet de eigenschappen die hij op basis van de overeenkomst mocht verwachten. [eiser] vordert in deze procedure de herstelkosten die hij heeft gemaakt voor het repareren van de warmtepomp (een nieuwe printplaat), omdat [gedaagde] dit niet wilde herstellen.
3.2. [gedaagde] voert verweer en betwist dat sprake is van non-conformiteit. Zij voert aan dat het niet logisch is dat het defect al aanwezig was bij oplevering van de warmtepomp, omdat de warmtepomp 5 jaar lang goed heeft gewerkt. Daarnaast kan het kapotgaan van de printplaat verschillende oorzaken hebben, zoals bijvoorbeeld een piekspanning in het stroomnet of blikseminslag. De garantie is bovendien verstreken.
3.3. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4 De beoordeling

4.1. In deze zaak gaat het om de vraag of sprake is van een non-conforme warmtepomp en of [gedaagde] de herstelkosten hiervan aan [eiser] moet betalen.
Non-conformiteit
4.2. Er is sprake van non-conformiteit als een afgeleverde zaak niet beantwoordt aan de overeenkomst. Dit is het geval als de zaak, mede gelet op de aard van de zaak en de mededelingen die de verkoper over de zaak heeft gedaan, niet de eigenschappen bezit die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten.[1] De koper mag verwachten dat de zaak de eigenschappen bezit die voor een normaal gebruik daarvan nodig zijn en waarvan hij de aanwezigheid niet behoefde te betwijfelen en ook de eigenschappen die nodig zijn voor een bijzonder gebruik dat bij overeenkomst is voorzien.
4.3. Volgens [eiser] bezit de warmtepomp niet de eigenschappen die hij op basis van de overeenkomst mocht verwachten, omdat de printplaat van de warmtepomp na slechts 5 jaar kapot is gegaan. Bij normaal gebruik en onderhoud van een warmtepomp mag volgens [eiser] een economische levensduur van 15 tot 20 jaar verwacht worden.
4.4. De kantonrechter begrijpt dat [eiser] met 'economische levensduur' eigenlijk de technische levensduur bedoelt, namelijk dat hij mocht verwachten dat de warmtepomp het langer (15 tot 20 jaar) zou volhouden dan 5 jaar. Het is begrijpelijk dat [eiser] had verwacht dat de (economische of technische) levensduur van de warmtepomp langer zou zijn, maar de verwachting van een bepaalde levensduur betekent niet meteen dat [eiser] geen rekening hoeft te houden met reparaties. Een warmtepomp is een technisch product en kan soms na verloop van tijd afwijkingen vertonen. Een reparatie of vervanging van een onderdeel kan dan nodig zijn. Hiervoor bestaat de contractuele garantie, waarbij in geval van een defect een herstel - of vergoedingsplicht voor de verkoper wordt overeengekomen. In dit geval is er een contractuele garantie gegeven van 2 jaar, maar deze is inmiddels verlopen.
4.5. Voor de zogenaamde 'wettelijke garantie' moet sprake zijn van non-conformiteit, maar dat de warmtepomp ten tijde van aflevering niet beantwoordt aan de overeenkomst heeft [eiser] onvoldoende onderbouwd. [eiser] heeft slechts in algemene zin gesteld dat de warmtepomp non-conform is, omdat de printplaat binnen afzienbare tijd kapot is gegaan. Volgens hem is deze afwijking al sinds de aflevering van de warmtepomp aanwezig, maar dat blijkt nergens uit. [eiser] heeft bovendien zelf gesteld dat de warmtepomp de eerste 5 jaar na aflevering wel goed heeft gewerkt. Het is vervelend voor [eiser] dat de printplaat van de warmtepomp na 5 jaar is kapotgegaan, maar nu de warmtepomp al die jaren goed heeft gefunctioneerd is de kantonrechter van oordeel dat van non-conformiteit geen sprake is.
Conclusie
4.6. Er is geen sprake van een non-conforme warmtepomp. Dit betekent dat [eiser] geen herstelkosten voor het vervangen van de printplaat in rekening kan brengen bij [gedaagde] . Zijn vorderingen worden afgewezen.
Proceskosten
4.7. [eiser] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op € 50,00 aan reis-, verblijf - en verletkosten.

5 De beslissing

De kantonrechter als regelrechter
5.1. wijst de vorderingen van [eiser] af,
5.2. veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 50,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.
Dit vonnis is gewezen door mr. Zander en in het openbaar uitgesproken op 18 februari 2026.
Bent u het niet eens met dit vonnis? Dan kunt u in hoger beroep gaan bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch door een dagvaarding te laten uitbrengen. Dat doet u binnen drie maanden, te rekenen vanaf de dag van de uitspraak van het vonnis. Voor de hoger beroepsprocedure dient u een advocaat in te schakelen.
Artikel 7:17 en 7:18 van het Burgerlijk Wetboek (BW). - - - ## Voetnoten
Artikel 7:17 en 7:18 van het Burgerlijk Wetboek (BW).