Terug naar bibliotheek
Rechtbank Rotterdam
ECLI:NL:RBROT:2025:10414 - Rechtbank Rotterdam - 1 september 2025
Uitspraak
ECLI:NL:RBROT:2025:10414•1 september 2025
Uitspraak inhoud
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 25/5484
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 1 september 2025 als bedoeld in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht in de zaak tussen
gemachtigde: mr. H. Sala,
en
Procesverloop
Eiseres heeft bij verweerder een verzoek gedaan om herbeoordeling van het recht op kinderopvangtoeslag.
Op 17 juli 2025 heeft eiseres beroep ingesteld wegens het uitblijven van een beslissing op haar verzoek.
Verweerder heeft op 30 juli 2025 een verweerschrift ingediend.
Overwegingen
- De rechtbank nodigt partijen niet uit voor een zitting, omdat zich in deze zaak een van de gevallen voordoet zoals genoemd in artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en een zitting daarom niet nodig is.
- Eiseres heeft zich bij verweerder gemeld voor een herbeoordeling van het recht op kinderopvangtoeslag.
- In zijn verweerschrift geeft verweerder aan dat de beschikking integrale beoordeling, met kenmerk [kenmerk] op 13 mei 2025 bekend is gemaakt.
- De rechtbank stelt vast dat eiseres op 17 juli 2025 beroep heeft ingesteld. Dat wil zeggen na de datum van de beschikking. Dit betekent dat het procesbelang van eiseres bij het beroep gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet aanwezig is.
De rechtbank zal het beroep daarom niet-ontvankelijk verklaren.
- Voor vergoeding van het griffierecht of een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. L.A.C. van Nifterick, rechter, in aanwezigheid van
A.R. de Groot, griffier.
De uitspraak is in het openbaar gedaan op 1 september 2025.
griffier rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij de rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.