Terug naar bibliotheek
Rechtbank Midden-Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2026:68 - Rechtbank Midden-Nederland - 14 januari 2026

Uitspraak

ECLI:NL:RBMNE:2026:6814 januari 2026

Uitspraak inhoud

Civiel recht
Kantonrechter
Zittingsplaats Almere
Zaaknummer: 11627202 \ MC EXPL 25-1974
Vonnis van 14 januari 2026
in de zaak van
[eiser] ,
te [woonplaats 1] ,
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: [eiser] ,
gemachtigde: mr. J.J.F. van de Voort,
tegen
[gedaagde],
te [woonplaats 2] ,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
hierna te noemen: [gedaagde] ,
procederend in persoon.

1 De procedure

1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding van 20 maart 2025 met producties 1 tot en met 6; - de akte van [eiser] met producties 7 tot en met 10; - de e-mail van [eiser] van 8 april 2025 met beslagstukken; - de conclusie van antwoord, tevens eis in reconventie, met producties; - de conclusie van repliek in conventie, tevens antwoord in reconventie; - de brief van de bewindvoerder van [gedaagde] van 2 juli 2025 met het verzoek om schorsing van de procedure (in conventie) op grond van artikel 313 in verbinding met 29 Fw; - de antwoordakte van [eiser] op het verzoek om schorsing van de procedure (in conventie); - de akte van [eiser] met het verzoek om schorsing van de procedure in reconventie om de bewindvoerder op te roepen tot overneming van het geding.
1.2. Ten slotte is bepaald dat er een vonnis wordt uitgesproken.

2 De kern van de zaak

2.1. [eiser] stelt in opdracht van [gedaagde] werkzaamheden te hebben verricht (het plaatsen van keukens) en vordert in deze procedure betaling van € 6.140,75 te vermeerderen met rente en kosten. [gedaagde] is het daar niet mee eens en heeft een tegenvordering ingesteld. Na het uitbrengen van de dagvaarding is ten aanzien van [gedaagde] de schuldsaneringsregeling van toepassing verklaard. De zaak in conventie is daarom van rechtswege geschorst. In reconventie wordt [eiser] in de gelegenheid gesteld de bewindvoerder van [gedaagde] op te roepen het geding over te nemen.

3 De beoordeling in conventie en reconventie

3.1. Bij vonnis van deze rechtbank van 4 juni 2025, na de dagvaarding, is ten aanzien van [gedaagde] de schuldsaneringsregeling van toepassing verklaard.
3.2. In conventie gaat het om een vordering van [eiser] op [gedaagde] die ten tijde van de uitspraak tot de toepassing van de schuldsaneringsregeling al bestond. Dit betekent dat de procedure in conventie op grond van artikel 313 in verbinding met artikel 29 Faillissementswet (Fw) van rechtswege is geschorst. De kantonrechter zal de procedure in conventie doorhalen op de rol.[1]
3.3. [gedaagde] heeft een tegenvordering ingesteld. [eiser] heeft de kantonrechter verzocht om de zaak in reconventie te schorsen om hem in de gelegenheid te stellen de bewindvoerder tot overneming van het geding in reconventie op te roepen. De kantonrechter zal [eiser] die gelegenheid geven (artikel 313 in verbinding met artikel 27 Fw). Daarvoor wordt hem een termijn van vier weken gegeven. Als de bewindvoerder aan de oproeping geen gevolg geeft, heeft [eiser] het recht om ontslag van instantie te vragen.
3.4. Iedere verdere beslissing in reconventie wordt aangehouden.

4 De beslissing

De kantonrechter
in conventie
4.1. constateert dat de procedure in conventie op grond van artikel 313 in verbinding met artikel 29 Fw van rechtswege is geschorst;
4.2. haalt de procedure in conventie ambtshalve door op de rol;
in reconventie
4.3. stelt [eiser] op grond van artikel 27 Fw in de gelegenheid om de bewindvoerder van [gedaagde] op te roepen tot overneming van het geding in reconventie tegen de rol van
11 februari 2026 om 11:00 uur;
4.4. houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. drs. B.G.W.P. Heijne en in het openbaar uitgesproken op
14 januari 2026.
45353
Op grond van artikel 2.28 Landelijk procesreglement voor civiele dagvaardingszaken bij de rechtbanken handel en kanton. - - - ## Voetnoten
Op grond van artikel 2.28 Landelijk procesreglement voor civiele dagvaardingszaken bij de rechtbanken handel en kanton.