Terug naar bibliotheek
Rechtbank Midden-Nederland
ECLI:NL:RBMNE:2025:7533 - Rechtbank Midden-Nederland - 24 december 2025
Uitspraak
ECLI:NL:RBMNE:2025:7533•24 december 2025
Uitspraak inhoud
Afdeling Toezicht
Bureau Erfrecht
zittingsplaats Lelystad
zaaknummer: 11672510 LB VERZ 25-72 / ER 92
Beschikking d.d. 24 december 2025
Inzake het verzoek van
1 [executeur bewindvoerder] ,
wonende te [woonplaats 1] ,
in zijn hoedanigheid van executeur-afwikkelingsbewindvoerder in de nalatenschap van de heer [erflater] (hierna: erflater),
tevens in zijn hoedanigheid van testamentair bewindvoerder over de door mevrouw [verzoekster 1] , mevrouw [minderjarige 1] (verder: [minderjarige 1] ) en mevrouw [minderjarige 2] (verder: [minderjarige 2] ) verkregen goederen uit de nalatenschap van erflater,
2 [testamentair bewindvoerder] ,
wonende te [woonplaats 2] ,
in haar hoedanigheid van testamentair bewindvoerder over de door mevrouw
[verzoekster 1] , [minderjarige 1] en [minderjarige 2] verkregen goederen uit de nalatenschap van erflater,
verzoekers,
gemachtigden van verzoekers: mr. R.A. van Liere en mr. R. Swager.
tegen
[verzoekster 1] ,
zowel pro se als in haar hoedanigheid van wettelijk vertegenwoordiger van haar minderjarige kinderen [minderjarige 1] en [minderjarige 2] ,
wonende te [woonplaats 3] ,
verweerster,
gemachtigde: mr. J. Witvoet.
Partijen worden hierna ook [executeur bewindvoerder] , [testamentair bewindvoerder] en [verzoekster 1] genoemd.
1 De procedure
1.1. De kantonrechter heeft kennisgenomen van de volgende stukken: - het verzoekschrift strekkende tot de wijziging van de beloning van de executeur-afwikkelingsbewindvoerder en testamentair bewindvoerder, door de griffie ontvangen op
23 april 2025;
1.2. Op 18 november 2025 heeft de mondelinge behandeling van de verzoeken plaatsgevonden. Daarbij zijn verschenen:
2 De feiten
2.1. Op 3 mei 2024 is overleden de heer [erflater], geboren op [geboortedatum] 1955 te [geboorteplaats] , laatst gewoond hebbende te [woonplaats 4] , verder te noemen: erflater. Ten tijde van zijn overlijden was erflater gehuwd met [verzoekster 1] . Zij hebben samen twee kinderen: [minderjarige 1] (10 jaar) en [minderjarige 2] (6 jaar).
2.2. Erflater heeft voor het laatst een testament gemaakt op 18 april 2024. Hierin heeft hij – voor zover nu van belang – [minderjarige 1] tot zijn enig erfgenaam benoemd. [verzoekster 1] heeft namens [minderjarige 1] de nalatenschap beneficiair aanvaard. Daarnaast heeft erflater verschillende legaten opgenomen ten behoeve van onder andere [verzoekster 1] , [minderjarige 1] en [minderjarige 2] .
2.3. Over deze verkrijgingen is een testamentair bewind ingesteld, waarbij [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] tot testamentair bewindvoerders zijn aangewezen. Zij hebben deze benoeming aanvaard. Tot slot is [executeur bewindvoerder] tot executeur en afwikkelingsbewindvoerder aangewezen, welke benoeming hij ook heeft aanvaard.
2.4. Met betrekking tot de beloning van de executeur-afwikkelingsbewindvoerder is in het testament (onder V., p. 5 en 6) het volgende bepaald:
"Ik ken, onverminderd het recht op vergoeding van de door hem/haar gemaakte kosten uit de nalatenschap, aan de executeur/afwikkelingsbewindvoerder, een door hem/haar zelf vast te stellen redelijke beloning toe, met een maximum van vijfentwintigduizend euro (€ 25.000,=), welke beloning op grond van onvoorziene omstandigheden door de kantonrechter kan worden gewijzigd. Indien een executeur zijn taak voortijdig beëindigd of beëindigen moet en een opvolger in functie treedt, komt de vergoeding alleen toe aan de opvolger tenzij de opgevolgde executeur en de opvolger gezamenlijk anders overeenkomen. De kosten die de executeur zal maken, worden direct uit mijn nalatenschap aan de executeur voldaan."
2.5. Wat betreft de beloning van de testamentair bewindvoerder is in het testament
(onder VI. n., p. 8) het volgende bepaald:
"De bewindvoerder zal in totaal voor zijn bemoeiingen aan het einde van ieder kalenderjaar waarin het bewind van kracht is een loon in rekening mogen gelijk aan één tiende procent (0,1%) van het aan het einde van dat jaar netto beheerde vermogen. Derhalve komt deze beloning aan de heer
[executeur bewindvoerder] en mevrouw [testamentair bewindvoerder] beiden voornoemd, ieder voor de helft. Indien het bewind in de loop van een jaar aanvangt of eindigt is de bewindvoerder in dat jaar bevoegd een loon in rekening te brengen berekend naar evenredigheid van de tijd dat het bewind in het bedoelde jaar van kracht is geweest."
3 Het verzoek en het verweer
3.1. [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] verzoeken de kantonrechter bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad,
de beloning van de executeur-afwikkelingsbewindvoerder en testamentair bewindvoerder anders te regelen dan in het testament van erflater is bepaald.
3.2. Ter onderbouwing van hun verzoeken stellen [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] – verkort en zakelijk weergegeven – het volgende. Zij zijn voornemens hun taken als executeur-afwikkelingsbewindvoerder en testamentair bewindvoerder over te dragen aan een professionele derde. [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] stellen dat de onderlinge verhouding met [verzoekster 1] zo verslechterd is dat het daarom voor hen onmogelijk is om hun taken goed uit te voeren. Zij hebben [bedrijf] B.V. bereid gevonden de taken van executeur-afwikkelingsbewindvoerder en testamentair bewindvoerder over te nemen. [bedrijf] is hiertoe bereid onder de voorwaarde dat zij voor haar werkzaamheden haar gebruikelijke uurtarief van € 195,- - (exclusief 21% BTW en jaarlijkse indexering) kan rekenen. [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] verzoeken de kantonrechter de beloning zo te regelen dat een professionele partij zoals [bedrijf] haar gebruikelijke uurtarief in rekening mag brengen.
3.3. [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] stellen dat er sprake is van onvoorziene omstandigheden. Volgens hen is erflater bij het vastleggen van de beloningsregelingen ervan uitgegaan dat de door hem benoemde executeur en bewindvoerders zouden blijven fungeren. Daarbij heeft erflater geen rekening gehouden met de situatie dat zij zouden worden opgevolgd door een professionele derde, die een uurtarief wenst te rekenen. [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] menen dat van een professionele partij niet verwacht kan worden dat zij beide taken uitvoert onder de huidige beloningsregeling.
3.4. [verzoekster 1] voert verweer en betwist hetgeen [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] stellen in hun verzoekschrift. Zij meent dat er aan hun zijde sprake is van tekortkomingen in de uitvoering van hun taken. Daarom zou volgens [verzoekster 1] rekening gehouden moeten worden met haar wensen bij het benoemen van een opvolger van [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] . Wat betreft de beloning van de executeur-afwikkelingsbewindvoerder en testamentair bewindvoerder acht [verzoekster 1] het niet in haar belang of die van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] , dat moet worden afgeweken van de beloningsregeling zoals erflater heeft bepaald. Een hogere beloning gaat af van wat hen toekomt.
4 De beoordeling
Relatieve bevoegdheid
4.1. De kantonrechter moet (ambtshalve) beoordelen of hij relatief bevoegd is om van het verzoek van [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] kennis te nemen. De kantonrechter van deze rechtbank is relatief bevoegd om kennis te nemen van het verzoek van de executeur, omdat daarvoor moet worden gekeken naar de laatste woonplaats van erflater op grond van artikel 268 lid 1 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (verder: Rv). Deze is gelegen in [woonplaats 4] (gemeente Gooise Meren).
4.2. In zaken betreffende testamentair bewind is daarentegen de kantonrechter van de woonplaats van de bewindvoerder bevoegd om te beslissen op het verzoek. Dit staat in artikel 268 lid 1 Rv in samenhang gelezen met artikel 1:12 lid 2 BW. [executeur bewindvoerder] heeft zijn woonplaats in [woonplaats 1] (gemeente Amsterdam ) en [testamentair bewindvoerder] in [woonplaats 2] (gemeente Ronde Venen). Vanwege de woonplaats van [testamentair bewindvoerder] is de kantonrechter van deze rechtbank ook relatief bevoegd is om kennis te nemen van het verzoek van de bewindvoerders.
Benoeming opvolger
4.3. Vooraf merkt de kantonrechter op dat er geen verzoek tot benoeming van een opvolger van [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] voorligt, zodat niet zal worden ingegaan op het verweer van [verzoekster 1] op dit punt. Uit het testament van erflater blijkt bovendien dat [executeur bewindvoerder] bevoegd is om een andere executeur aan zich toe te voegen of in zijn plaats te stellen en [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] gezamenlijk de bevoegdheid hebben om bij afzonderlijke notariële akte een opvolgend bewindvoerder te benoemen. Zij zijn hierbij niet verplicht om rekening te houden met de wensen van [verzoekster 1] .
Wijziging beloning
4.4. [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] hebben hun verzoeken gegrond op artikel 4:144 lid 3 en 4:159 lid 3 BW. Daaruit volgt dat de kantonrechter op grond van onvoorziene omstandigheden de beloning van de executeur en bewindvoerder anders kan regelen dan bij uiterste wil of de wet is aangegeven. Bij de beoordeling moet rekening worden gehouden met hetgeen waarvan de erflater bij het instellen van de executele dan wel het bewind is uitgegaan en of hij al dan niet stilzwijgend met die omstandigheden rekening heeft gehouden.
4.5. De kantonrechter wijst de verzoeken af en zal dit hierna nader toelichten.
Beloning executeur-afwikkelingsbewindvoerder
4.6. De kantonrechter stelt vast dat erflater in zijn testament heeft bepaald dat aan de executeur-afwikkelingsbewindvoerder een beloning toegekend wordt van maximaal € 25.000,-. Voor zover de wijziging van de persoon van een executeur-afwikkelingsbewindvoerder voor de beloningsregeling als "onvoorziene omstandigheid" aangemerkt kan worden blijkt uit het testament dat erflater al rekening heeft gehouden met een dergelijke situatie. Hierin heeft erflater namelijk bepaald dat als een executeur zijn taak voortijdig beëindigd en een opvolger in functie treedt, de beloning alleen toekomt aan de opvolger tenzij anders wordt overeengekomen.
4.7. [executeur bewindvoerder] heeft ter zitting verklaard dat hij tot op heden geen loon heeft berekend voor zijn werkzaamheden. Dit betekent dat voor een eventuele opvolger de volledige beloning beschikbaar is. Er is onvoldoende aangetoond dat deze beloning ontoereikend zou zijn voor de te verrichten werkzaamheden dan wel dat er andere omstandigheden zijn die als onvoorzien aangemerkt kunnen worden. De kantonrechter is dan ook van oordeel dat er op dit moment geen sprake is van onvoorziene omstandigheden die een wijziging van de beloning van de executeur rechtvaardigen.
Beloning testamentair bewindvoerder
4.8. De kantonrechter stelt vast dat de erflater in zijn testament uitdrukkelijk heeft bepaald dat de testamentair bewindvoerder recht heeft op een beloning van 0,1% van het netto beheerde vermogen per kalenderjaar. Dat [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] voornemens zijn om een opvolger te benoemen die op haar beurt alleen bereid is de benoeming te aanvaarden als zij haar gebruikelijke uurtarief mag rekenen, is op zichzelf geen onvoorziene omstandigheid die afwijking van de testamentaire regeling rechtvaardigt.
4.9. Ook is niet gebleken van andere onvoorziene omstandigheden die een bijstelling van het loon rechtvaardigen. Daarbij weegt de kantonrechter mee dat de beoogd opvolgend bewindvoerder ter zitting heeft verklaard dat de beloning aanvankelijk mogelijk ontoereikend zal zijn, maar op termijn juist te hoog. Het aantal aan het beheer van het testamentair vermogen te besteden uren zal naar verwachting in de komende jaren aanzienlijk afnemen. Daarmee is - net als bij het beschermingsbewind - sprake van een forfaitaire beloning, waarvan het karakter meebrengt dat deze niet één-op-één hoeft aan te sluiten bij het daadwerkelijk bestede aantal uren.
Proceskosten
4.8. [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] verzoeken de kantonrechter om te bepalen dat de kosten van deze procedure, inclusief het griffierecht, ten laste van de nalatenschap worden gebracht. [verzoekster 1] verzoekt [executeur bewindvoerder] en [testamentair bewindvoerder] te veroordelen in de proceskosten. De kantonrechter ziet geen aanleiding om te bepalen dat de kosten van deze procedure ten laste van de nalatenschap van erflater mogen worden gebracht. De proceskosten worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.
5 De beslissing
De kantonrechter: - wijst de verzoeken af.