Terug naar bibliotheek
Rechtbank Midden-Nederland

ECLI:NL:RBMNE:2025:6896 - Rechtbank Midden-Nederland - 29 december 2025

Uitspraak

ECLI:NL:RBMNE:2025:689629 december 2025

Uitspraak inhoud

Civiel recht
Zittingsplaats Utrecht
Zaaknummer: C/16/601884 / KG ZA 25-550
Vonnis in kort geding van 29 december 2025
in de zaak van
[eiseres] B.V.,
te [plaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiseres] ,
advocaat: mr. J.A. Kopp te Utrecht,
tegen
PROBIC B.V. THODN PROCENT,
te Baarn ,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Procent ,
advocaat: mr. J. van Zinderen te Utrecht.

1 De procedure

1.1. De voorzieningenrechter beschikt over de volgende stukken: - de dagvaarding van 24 november 2025 met producties 1 tot en met 15 - de conclusie van antwoord met producties 1 tot en met 19.
1.2. Bij de mondelinge behandeling van 15 december 2025 zijn namens [eiseres] verschenen: de heer [A] (statutair bestuurder) en mr. Kopp. Namens Procent zijn verschenen de heer [B] (oud-eigenaar en inkoper), de heer [C] (bedrijfsjurist) en mr. Van Zinderen.
1.3. De advocaten hebben spreekaantekeningen voorgelezen, die aan het dossier zijn toegevoegd. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat verder tijdens de mondelinge behandeling is besproken. Aan het eind van de mondelinge behandeling is bepaald dat op 29 december 2025 vonnis wordt gewezen.

2 De kern van de zaak

2.1. [eiseres] vordert op grond van artikel 195 Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (hierna: Rv) veroordeling van Procent om op straffe van een dwangsom afschrift te verstrekken van de "ongelakte" schriftelijke gegevens met betrekking tot de tenderprocedure voor energiekosten voor (onder meer) [eiseres] . [eiseres] vordert ook afschrift van de overeenkomst tussen Procent en Audax (hierna: Audax ), volgens Procent de winnaar van de tender. De voorzieningenrechter wijst die vorderingen gedeeltelijk toe. Voor een deel van de gevraagde gegevens is echter voldoende aannemelijk dat gewichtige redenen zich ertegen verzetten dat Procent afschrift moet verstrekken. Dit oordeel wordt hierna verder toegelicht.

3 De verdere achtergronden van het geschil

3.1. [eiseres] exploiteert een restaurant in Utrecht. Procent houdt zich onder meer bezig met de collectieve inkoop van energie voor horecaondernemingen, sinds 2021 ook voor [eiseres] .
3.2. Procent heeft in 2023 voor [eiseres] en andere horecaondernemingen onderhandeld over de tarieven en andere voorwaarden voor de levering van elektriciteit en gas in de jaren 2024, 2025 en 2026. Volgens Procent is daar bij het door haar ontwikkelde specifieke inkoopconcept voor horecabedrijven gevolgd. Dat concept komt in de kern neer op het volgende:
De onder b tot en met d genoemde stappen van dit traject worden in deze uitspraak: de tender genoemd. Procent laat de tender uitvoeren door een externe partij waarvan zij de naam niet bekend heeft gemaakt (deze partij hierna: de energieadviseur).
3.3. Procent heeft haar klanten op 4 september 2025 bericht dat Audax als beste partij uit de tender is gekomen. Eind 2023 heeft Procent tussen [eiseres][1] en Audax een overeenkomst tot stand gebracht voor de levering van gas en elektriciteit voor de jaren 2024, 2025 en 2026. Op 31 oktober 2023 heeft Procent binnen de uitonderhandelde kaders (mede) namens [eiseres] de vaste jaarprijzen voor het jaar 2024 vastgelegd.
3.4. [eiseres] heeft op 13 december 2023 bij Procent aangegeven dat zij de tarieven van Audax veel te hoog vond en heeft op 18 januari 2024 aangekondigd over te stappen naar een andere energieleverancier. Dat heeft zij vervolgens ook gedaan, waarna Audax vanwege die beëindiging aanzienlijke contractuele opzegvergoedingen in rekening heeft gebracht. Audax is bij deze rechtbank een bodemprocedure tegen [eiseres] begonnen waarin zij betaling van deze opzegvergoedingen heeft gevorderd. Die vordering is bij vonnis 1 oktober 2025 toegewezen. [eiseres] overweegt in hoger beroep te gaan.
3.5. Audax voert een vergelijkbare bodemprocedure tegen [bedrijf 1] B.V., een aan [eiseres] gelieerde vennootschap (hierna: [bedrijf 1] ). In die procedure zal op 24 februari 2026 pleidooi in het hoger beroep plaatsvinden.[2]

4 De beoordeling

Het gaat om een spoedeisende zaak
4.1. Het gaat hier om een in kort geding gevorderde voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter moet daarom eerst beoordelen of [eiseres] ten tijde van dit vonnis bij die voorziening een spoedeisend belang heeft. [eiseres] heeft op dit punt aangevoerd dat op 1 januari 2026 de termijn voor hoger beroep in de procedure tussen haar en Audax zal aflopen en dat op 24 februari 2026 pleidooi is bepaald in het hoger beroep in de procedure tussen Audax en [bedrijf 1] . De documenten die zij vraagt, wil zij in die procedures gebruiken. Daarmee is het spoedeisend belang van [eiseres] voldoende onderbouwd.
Voldoende kans op toewijzing in de bodemprocedure
4.2. Daarnaast geldt dat de voorzieningenrechter in dit kort geding moet beoordelen of de vorderingen in de bodemprocedure een zodanige kans van slagen hebben, dat vooruitlopend daarop toewijzing van de voorlopige voorziening gerechtvaardigd is. Als uitgangspunt geldt bovendien dat in deze procedure geen plaats is voor bewijslevering.
De maatstaf voor inzagevorderingen
4.3. Op grond van artikel 195 lid 1 Rv kan de rechter een partij die over bepaalde gegevens beschikt bevelen om inzage afschrift, of uittreksel[3] te verstrekken van gegevens als deze partij daartoe niet zelf overgaat en voldaan is aan de vereisten die voortvloeien uit artikel 194 lid 1 Rv. Deze vereisten zijn:
Als aan die vereisten is voldaan, moet het bevel alsnog worden afgewezen als een gewichtige reden zich verzet tegen het verstrekken van afschrift.[4]
Als Procent gegevens bij de energieadviseur kan opvragen, geldt dat zij daarover beschikt
4.4. Procent heeft aangevoerd dat zij over een deel van de gevraagde gegevens niet kan beschikken, omdat deze zich niet fysiek onder haar bevinden, maar onder de energieadviseur. De term 'beschikt' moet echter zo ruim worden uitgelegd dat daaronder ook de situatie valt dat Procent de gegevens niet zelf onder zich heeft maar deze wel gemakkelijk van een derde kan verkrijgen. De ruime strekking impliceert verder dat gegevens over een rechtsbetrekking niet alleen bij de wederpartij kunnen worden opgevraagd, maar ook rechtstreeks bij een derde die zelf geen partij is bij de rechtsbetrekking waarover het onderliggende geschil gaat.[5] De voorzieningenrechter van oordeel dat Procent ook in dit geval verplicht is om zo nodig de gegevens bij de energieadviseur op te vragen. Daarbij weegt mee dat Procent de tender op eigen initiatief en buiten het zicht van [eiseres] heeft uitbesteed aan de energieadviseur.
De rechtsbetrekking
4.5. De gevraagde gegevens zien op een rechtsbetrekking waarbij [eiseres] partij is en Procent ook. De gevraagde gegevens gaan immers over vraag of en hoe die tender is uitgevoerd en Procent heeft de tender laten uitvoeren in opdracht van – onder meer – [eiseres] . De rechtsbetrekking kwalificeert als een overeenkomst van opdracht tussen [eiseres] als opdrachtgever en Procent als haar opdrachtnemer.
De gevraagde gegevens zijn erg ruim omschreven maar op zichzelf wel voldoende bepaald
4.6. [eiseres] heeft voldoende duidelijk gemaakt van welke gegevens zij afschrift vordert. In het petitum worden de gegevens waarvan afschrift wordt gevorderd als volgt omschreven:
(…) "originele, en onbewerkte (ongelakte) documentatie ter zake van:
4.7. De voorzieningenrechter verwerpt het betoog van Procent dat deze omschrijving zodanig ruim is dat [eiseres] daarmee feitelijk algemene toegang vordert tot de gehele administratie van Procent . De voorzieningenrechter is van oordeel dat met deze omschrijving voldoende is afgebakend van welke stukken afschrift moet worden verstrekt en van welke stukken niet. Daarnaast heeft [eiseres] voldoende duidelijk gemaakt waarom zij meent dat Procent over die gegevens zou moeten beschikken. Zij heeft zich immers jegens [eiseres] en de andere horecabedrijven verplicht om de tender te (laten) uitvoeren.
Voldoende belang bij een deel van de gevraagde gegevens, maar niet bij alle
4.8. [eiseres] heeft ook voldoende concreet gemaakt waarom de gevraagde gegevens voor haar relevant zijn, namelijk omdat die nodig zijn om haar rechtspositie te bepalen in een potentieel of ontstaan geschil over een rechtsbetrekking waarbij zij partij is. [eiseres] heeft op dit punt aangevoerd dat de tarieven die Procent voor haar heeft uitonderhandeld met Audax , veel te hoog zijn. Zij vermoedt dat dit komt omdat de tender ofwel helemaal niet ofwel niet naar behoren is uitgevoerd. Zij overweegt om Procent in rechte aan te spreken voor haar schade en wil haar proceskansen goed kunnen inschatten.
4.9. In een procedure zal het erom gaan of Procent als opdrachtnemer Procent bij de uitvoering van haar taak heeft gehandeld zoals van een redelijk bekwaam en redelijk handelend vakgenoot mocht worden verwacht. Wat dit concreet betekent, hangt af van de omstandigheden van het geval. De gevraagde gegevens zien op het verwijt dat Procent de tender niet of niet goed heeft uitgevoerd. Andere verwijten van [eiseres] , zoals het niet (tijdig) doorgeven van de hoge prijs en het niet (tijdig) waarschuwen voor de hoge beëindigingsvergoeding, spelen in dit geschil geen rol. Daarvoor worden geen documenten opgevraagd. Hierbij geldt ook dat [eiseres] geen recht heeft op meer gegevens dan nodig zijn om te kunnen beoordelen of een tender heeft plaatsgevonden en in hoeverre de keuze voor Audax redelijk was.
4.10. [eiseres] heeft ter onderbouwing van haar stelling dat de vaste jaarprijzen die Procent heeft uitonderhandeld met Audax veel te hoog zijn, aangevoerd dat die prijzen ongeveer het dubbele zijn van het gemiddelde van de variabele marktprijzen over 2024.[6] Procent heeft opgemerkt dat die vergelijking mank gaat als de marktprijzen niet worden gecorrigeerd voor drie zaken:
Het enkele verschil tussen de prijs die Audax rekende voor 2024 en de prijzen op de energiemarkt in 2024 toont dus nog niet aan dat Procent iets fout heeft gedaan. Daar komt bij dat [eiseres] de vaste jaarprijzen van Audax aanvankelijk niet te hoog vond. Toen Procent die op 31 oktober 2023 doorgaf, heeft de contactpersoon van [eiseres] daar niet over geprotesteerd. Op 6 november 2023 heeft hij [bedrijf 2] B.V., laten meedoen met het collectief. Dat is een ander aan [eiseres] gelieerd horecabedrijf. Daar staat tegenover dat Procent nauwelijks verifieerbare informatie geeft die weerlegt dat de prijs van Audax veel te hoog is. Met die beperkte gegevens kan [eiseres] niet nagaan of Procent haar verplichtingen als opdrachtnemer goed is nagekomen. Al met al heeft [eiseres] haar belang bij afschrift van meer gegevens over de tender voldoende gemotiveerd.
Gewichtige redenen: bedrijfsvertrouwelijke gegevens en geheimhoudingsverplichtingen
4.11. Volgens Procent is er sprake van gewichtige redenen tegen het verstrekken van afschrift als bedoeld in 194 lid 2 Rv, ten eerste omdat de gevraagde gegevens concurrentiegevoelig en bedrijfsvertrouwelijk zijn en ten tweede omdat zij contractuele geheimhoudingsverplichtingen is aangegaan tegenover de energieadviseur en de meebiedende betrokken energiemaatschappijen.
4.12. Procent heeft aangevoerd dat zij niet wil dat openbaar bekend wordt wie de energieadviseur is aan wie zij het tenderproces heeft uitbesteed, hoe dat tenderproces eruit ziet en welke parameters daarbij precies worden uitgevraagd. Zij heeft bij de mondelinge behandeling toegelicht dat zij dat zelf bezwaarlijk vindt omdat andere partijen met die gegevens hetzelfde zouden kunnen gaan doen. Zij heeft aangevoerd dat ook de energieadviseur een gerechtvaardigd belang heeft om de details van tenderproces vertrouwelijk te houden en dat ook de energieleveranciers een gerechtvaardigd belang bij hebben dat informatie over hun biedingen (zoals de door hen geboden prijzen en opslagstructuren) niet openbaar wordt. Juist vanwege die belangen hebben de energieadviseur en de energieleveranciers bij Procent vertrouwelijkheid bedongen. In de relatie met energieadviseur is aan die vertrouwelijkheid ook een dwangsom verbonden. Als bekend wordt dat Procent die vertrouwelijke gegevens openbaar heeft gemaakt (bijvoorbeeld informatie over de biedingen, geboden prijzen en opslagstructuren), riskeert zij niet alleen contractuele boetes, maar loopt zij ook het risico dat de energieadviseur en de energieleveranciers niet meer met haar willen werken, aldus nog steeds Procent .
4.13. Deze gerechtvaardigde belangen zijn niet zodanig dat zij rechtvaardigen dat [eiseres] in het geheel geen inzicht kan krijgen in wat Procent voor haar heeft gedaan en hoe. Ook daarbij weegt mee dat de uitleg van Procent en die stukken die zij tot nu toe heeft overgelegd heel beperkt zijn. Het gaat om:
Daar kon Procent daar niet mee volstaan. Ook het feit dat Procent in haar relatie met energieadviseur een dwangsom zou kunnen verbeuren door het geven van meer gegevens, is geen rechtvaardiging voor Procent om haar werk zo weinig controleerbaar te maken. Dat is een afspraak die voor rekening en risico van Procent moet blijven, omdat het haar keuze is om de tender uit te besteden aan energieadviseur en daarbij deze afspraak te maken. Procent zal dan ook worden veroordeeld om de in de beslissing genoemde gegevens te verstrekken. Daarbij gaat het om onbewerkte stukken.
4.14. Om aan de belangen van Procent tegemoet te komen, zal [eiseres] op grond van artikel 28 lid 1 sub c Rv worden verboden mededelingen te doen over de gegevens die Procent op grond van dit vonnis aan haar heeft verstrekt. [eiseres] mag de gegevens dan ook niet met derden delen of openbaar maken anders dan voor zover dat nodig is in het kader van gerechtelijke procedures tegen Procent , Audax en de energieadviseur van haarzelf of met haar verbonden vennootschappen (zoals moeder-, zuster of dochtervennootschappen). Hoewel [eiseres] op de zitting heeft aangegeven een dergelijke geheimhoudingsplicht op zich te willen nemen, zal aan overtreding van dit gebod een dwangsom worden verbonden. Dit omdat ook Procent een dwangsom opgelegd zal krijgen bij de verplichting om gegevens af te geven.
De veroordeling wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard
4.15. De veroordeling wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Het belang van Procent om de kwestie aan het hof voor te leggen voordat zij daadwerkelijk afschrift moet verstrekken weegt in dit geval minder zwaar dan spoedeisend belang van [eiseres] . Procent heeft op dit punt de vrees uitgesproken dat [eiseres] vertrouwelijke bedrijfsgegevens verder zal verspreiden. Met die zorg is rekening gehouden met het verbod om dat te doen. Daarbij geldt dat onvoldoende aannemelijk is geworden dat [eiseres] of de groep ondernemingen waartoe [eiseres] behoort, niet alleen voor haarzelf maar ook voor derden zou willen gaan optreden als zelfstandige tussenpersoon bij de inkoop van energie.
Procent krijgt ongelijk en moet een proceskostenvergoeding betalen
4.16. Procent is grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Procent worden begroot op:
4.17. De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

5 De beslissing

De voorzieningenrechter
5.1. veroordeelt Procent om binnen twee weken na betekening van dit vonnis afschrift te verstrekken van schriftelijke bescheiden waaruit blijkt:
5.2. veroordeelt Procent om aan [eiseres] een dwangsom te betalen van € 2.000,00 voor iedere dag of gedeelte daarvan dat zij niet aan de hoofdveroordeling onder 5.1 voldoet, tot een maximum van € 75.000,00 is bereikt,
5.3. verbiedt [eiseres] om de verstrekte gegevens met derden te delen of openbaar te maken anders dan in een gerechtelijke procedures van haar of met haar verbonden vennootschappen tegen Procent , Audax en/of de energieadviseur,
5.4. veroordeelt [eiseres] om aan Procent een dwangsom te betalen van € 25.000,00 voor iedere overtreding van het verbod onder 5.3 tot een maximum van € 75.000,00 is bereikt,
5.5. veroordeelt Procent in de proceskosten van € 2.118,40, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als Procent niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
5.6. veroordeelt Procent tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
5.7. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
5.8. wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.A.T. van Rens en in het openbaar uitgesproken op 29 december 2025.
JO/4972
Procent heeft [eiseres] toen vertegenwoordigd op grond van een volmacht die in 2021 door [eiseres] aan haar was verstrekt.
Audax is in hoger beroep gegaan tegen het vonnis van de kantonrechter van de rechtbank Gelderland van 11 december 2024, waarin de opzegvergoeding is afgewezen. De kantonrechter onder 4.2 van die uitspraak overwogen dat Audax ter onderbouwing van haar overeenkomst met [bedrijf 1] alleen een door Procent getekend stuk genaamd "Offerte Procent " in het geding had gebracht waarin zo veel gegevens onleesbaar waren gemaakt, dat niet kon worden vastgesteld dat Procent ook namens [eiseres] een energieovereenkomst had gesloten met Audax .
Hierna wordt niet meer steeds "inzage, afschrift en uittreksel" genoemd maar alleen afschrift.
Op grond van artikel 194 lid 2 Rv
Kamerstukken II2019/20, 35498, nr. 3, p. 49.
Product gemiddelde marktprijs 2024 Jaarprijs 2024 Audax
Gas (per m3) € 0,33616 € 0,62860
Elektriciteit (per Kwh) € 0,07715 € 0,18565 (normaal tarief)
€ 0,16034 (daltarief) - - - ## Voetnoten
Procent heeft [eiseres] toen vertegenwoordigd op grond van een volmacht die in 2021 door [eiseres] aan haar was verstrekt.
Audax is in hoger beroep gegaan tegen het vonnis van de kantonrechter van de rechtbank Gelderland van 11 december 2024, waarin de opzegvergoeding is afgewezen. De kantonrechter onder 4.2 van die uitspraak overwogen dat Audax ter onderbouwing van haar overeenkomst met [bedrijf 1] alleen een door Procent getekend stuk genaamd "Offerte Procent " in het geding had gebracht waarin zo veel gegevens onleesbaar waren gemaakt, dat niet kon worden vastgesteld dat Procent ook namens [eiseres] een energieovereenkomst had gesloten met Audax .
Hierna wordt niet meer steeds "inzage, afschrift en uittreksel" genoemd maar alleen afschrift.
Op grond van artikel 194 lid 2 Rv
Kamerstukken II2019/20, 35498, nr. 3, p. 49.
Product gemiddelde marktprijs 2024 Jaarprijs 2024 AudaxGas (per m3) € 0,33616 € 0,62860Elektriciteit (per Kwh) € 0,07715 € 0,18565 (normaal tarief)€ 0,16034 (daltarief)