Terug naar bibliotheek
Rechtbank Amsterdam
ECLI:NL:RBAMS:2025:5372 - Rechtbank Amsterdam - 24 juli 2025
Uitspraak
ECLI:NL:RBAMS:2025:5372•24 juli 2025
Uitspraak inhoud
RECHTBANK AMSTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: AMS 24/5299
[eiseres], uit [woonplaats], eiseres
(gemachtigde: mr. B.C.F. Kramer),
en
**het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam,**verweerder, hierna: het college
(gemachtigde: [gemachtigde]).
Inleiding
1.1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een Europese gehandicaptenparkeerkaart (hierna: GPK) voor een passagier.
1.2. Het college heeft deze aanvraag met het besluit van 8 februari 2024 afgewezen. Met het bestreden besluit van 8 september 2024 op het bezwaar van eiseres is bij de afwijzing van de aanvraag gebleven.
1.3. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.
1.4. De rechtbank heeft het beroep op 16 juli 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van het college. Enige tijd na sluiting van het onderzoek heeft eiseres zich gemeld bij de bode. De bode heeft eiseres toen verteld dat de zitting inmiddels was afgelopen.
Beoordeling door de rechtbank
- De rechtbank beoordeelt of verweerder de aanvraag voor een GPK voor een passagier mocht afwijzen. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiseres.
- De rechtbank is van oordeel dat het beroep ongegrond is. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
- De rechtbank is met het college van oordeel dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij als passagier continue afhankelijk is van hulp van de bestuurder bij het lopen buitenhuis. Uit het gevraagde advies van de GGD van 9 januari 2024 blijkt namelijk dat eiseres niet voldoet aan de criteria voor een GPK. Uit het advies volgt weliswaar dat eiseres zich niet redelijkerwijs over een langere afstand dan 100 meter aaneengesloten kan voortbewegen met behulp van de gebruikelijke loophulpmiddelen. Echter blijkt uit het advies ook dat eiseres als passagier niet continu afhankelijk is van hulp van de bestuurder bij het lopen buitenshuis. Om in aanmerking komen voor een GPK moet zij aan beide vereisten voldoen.
- Eiseres heeft geen medische stukken overlegd die het GGD-advies tegenspreken. Zij heeft haar standpunt dus niet onderbouwd. Het college mocht om die reden uitgaan van het GGD-advies en eiseres haar aanvraag voor een GPK weigeren. Ook overigens heeft de rechtbank geen aanleiding om te twijfelen aan de conclusies en bevindingen van de GGD. Tijdens de het telefonisch horen op 17 juli 2024 heeft eiseres namelijk verteld dat haar dochter haar afzet, de auto parkeert en vervolgens bij haar terugkomt.
Conclusie en gevolgen
- Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. L.H. Waller, rechter, in aanwezigheid van mr. W.L. van der Pijl, griffier.
Uitgesproken in het openbaar op 24 juli 2025.
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.
Digitaal hoger beroep instellen kan via "Formulieren en inloggen" op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.
Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.