Terug naar bibliotheek
Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

ECLI:NL:GHARL:2026:631 - Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden - 3 februari 2026

Arrest

ECLI:NL:GHARL:2026:6313 februari 2026

Arrest inhoud

GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN
locatie Arnhem
afdeling civiel recht
zaaknummer gerechtshof 200.363.461
zaaknummer rechtbank Midden-Nederland C/16/580199 / HA ZA 24-435
arrest van 3 februari 2026
in de zaak van

1 [appellant1] ( [A] )

2. [appellante2] ( [B] )
die wonen in [woonplaats]
advocaat: mr. K. Dirlik
en

1 [geïntimeerde1] ( [C] )

die woont in [woonplaats]
2. [geïntimeerde2] B.V. ( [D] )
die is gevestigd in [vestigingsplaats] , gemeente [gemeentenaam]
advocaat: mr. A.N. Broekhoven

1 Het verloop van de procedure in hoger beroep

1.1 [A] en [B] hebben hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (hierna: het hof) tegen het vonnis dat de rechtbank Midden-Nederland, zittingsplaats Utrecht, op 23 juli 2025 tussen partijen heeft uitgesproken. Het verloop van de procedure in hoger beroep blijkt uit:
1.2 Het hof beslist vandaag dat de zaak moet worden verwezen en licht dat hierna toe.

2 De toelichting op de beslissing van het hof

2.1 Het hof heeft kennis genomen van het feit dat één persoon van de twee personen die hoger beroep hebben ingesteld een naast familielid is van een raadsheer in dit hof. Daardoor is het hof betrokken bij deze zaak en is het wenselijk dat het hof deze zaak naar een ander gerechtshof verwijst ter verdere behandeling.
2.2 Het hof zal op grond van artikel 62b van de Wet op de rechterlijke organisatie de zaak voor verdere behandeling verwijzen naar het gerechtshof Amsterdam. Dat gerechtshof is voor dit doel aangewezen in het Zaaksverdelingsreglement van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, gepubliceerd in Staatscourant2014, 11037.

3 3. De beslissing

Het hof:
verwijst de zaak ter verdere behandeling naar het gerechtshof Amsterdam.
Dit arrest is gewezen door mrs. J.H. Lieber, M.L. van der Bel en S.C.P. Giesen, en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 3 februari 2026.