Terug naar bibliotheek
Gerechtshof Amsterdam
ECLI:NL:GHAMS:2025:3560 - Gerechtshof Amsterdam - 19 december 2025
Arrest
ECLI:NL:GHAMS:2025:3560•19 december 2025
Arrest inhoud
afdeling strafrecht
parketnummer: 23-001865-24
datum uitspraak: 19 december 2025
TEGENSPRAAK
Verkort arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 19 augustus 2024 in de gevoegde strafzaken onder de parketnummers 15-254115-24 en 15-196763-24 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteland] op [geboortedag] 1979,
adres: [adres] .
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 5 december 2025 en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg.
De verdachte heeft hoger beroep ingesteld tegen voormeld vonnis.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen de raadsvrouw naar voren heeft gebracht.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het onder feit 1 en 2 tenlastegelegde zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als door de politierechter in eerste aanleg is opgelegd, met aanvulling dat de bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar worden verklaard.
Vonnis waarvan beroep
Het hof verenigt zich met het vonnis waarvan beroep en zal dit om die reden bevestigen, met dien verstande dat: - het hof de motivering ten aanzien van de straf aanvult; - het hof artikelen 57 en 63 van het Wetboek van Strafrecht toevoegt aan de toegepaste wetsartikelen; - het hof de door de rechtbank gebruikte bewijsmiddelen, na het eventueel instellen van beroep in cassatie, zal uitwerken in de op te maken aanvulling op dit arrest.
Aanvullende strafmotivering
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte zal worden veroordeeld tot dezelfde straf als opgelegd door de politierechter, met dien verstande dat de opgelegde bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar worden verklaard.
De raadsvrouw heeft verzocht om geen bijzondere voorwaarden op te leggen, omdat daartoe geen noodzaak meer is. De bijzondere voorwaarden zijn 1,5 jaar geleden opgelegd en de omstandigheden van de verdachte zijn inmiddels anders. Het gaat beter met hem: hij heeft werk en er zijn geen politie - en justitiecontacten meer geweest.
Het hof verenigt zich met de door de rechtbank opgelegde straf en is daarbij – anders dan de raadsvrouw – van oordeel dat aan het voorwaardelijk deel van de opgelegde straf bijzondere voorwaarden moeten worden verbonden. Er zijn geen stukken overgelegd waaruit blijkt dat het beter met de verdachte gaat en de verdachte is niet ter terechtzitting in hoger beroep verschenen om dit te onderbouwen. Daarnaast heeft het hof acht geslagen op het uittreksel uit de Justitiële Documentatie van de verdachte van 20 november 2025. De verdachte heeft een uitgebreid strafblad en is meermaals onherroepelijk veroordeeld voor vermogensdelicten. Het hof acht het van belang dat de verdachte samen met de reclassering aan de slag kan.
Anders dan de advocaat-generaal ziet het hof geen aanleiding om de bijzondere voorwaarden dadelijk uitvoerbaar te verklaren.
BESLISSING
Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.E. Kleene-Krom, mr. M.T.C. de Vries en mr. A. Dantuma-Hieronymus, in tegenwoordigheid van mr. L.M. Steur, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 19 december 2025. Mr. A. Dantuma-Hieronymus is buiten staat het arrest mede te ondertekenen.
[…]